Gent en Brugge

Gent en Brugge

Bouwkunst drukt als geen andere kunst uit wat de tijd “wil” en nodig heeft. Als toegepaste kunst is architectuur nauw verweven met de economische ontwikkeling, de sociale omstandigheden en de politieke doelstellingen van een periode.
Van alle voorafgaande eeuwen mag de 19de eeuw zich echt het saeculum van de architectuur noemen. De industriële revolutie had aan de productiviteit een enorme impuls gegeven en de liberaal-democratische revoluties van 1776 en 1789 markeerden het einde van de standenmaatschappij. De samenleving verstedelijkte; de economie van machine, fabriek en infastructuur werd kapitalistisch en de cultuur werd burgerlijk.

 

 

. Parlementen, universiteiten, musea, en gerechtshoven, concertzalen en stations, warenhuizen en fabrieken om er een aantal te noemen.

In 1898 besloot Gent een nieuw museum te bouwen in het Citadelpark. Het ontwerp van Charles Van Rysselberghe werd in 1904 opgeleverd. Voor de wereldtentoonstelling in 1913 werd het museum nog eens flink uitgebreid.

Het museum is rond 2000 nog eens volledig op de schop genomen.

Vergelijkbare kunstpaleizen in Frankfurt en Amsterdam

.  In Brugge kon in het Arentshuis het werk van Luc Peire en Frank Brangwyn bekeken worden.